0

Door beleving meer inzicht in prestatie

Om inzicht in prestaties te krijgen, kijken we meestal naar resultaten. Resultaten liegen niet, maar ze zeggen ook weinig over hoe optimaal een prestatie is. Zit iemand op 70% of 90% van zijn kunnen? Resultaten zeggen alleen iets over hoe iemand het doet ten opzichte van anderen of ten opzichte van een externe maatstaf. Het zegt niets over hoe goed iemand het doet ten opzichte van zijn of haar potentieel. Dit artikel beschrijft hoe hier inzicht in te krijgen.

Uniek potentieel

Hoe hoog iemand kan presteren wordt bepaald door zijn genetische bagage en de unieke ontwikkeling die hij heeft doorgemaakt. Er is echter geen enkele manier om direct inzicht in te krijgen in menselijk potentieel. Geen enkele test kan voorspellen hoe hoog iemand kan presteren in de toekomst. Daarom is het onmogelijk vast te stellen in welke mate iemand zijn potentieel aanspreekt, of iemand op 70% of 90% presteert. Dit soort verschillen doen er echter wel toe. In de meeste commerciële organisaties heeft productiviteit een hefboomwerking op de winst. 10% toename in productiviteit vertaalt zich makkelijk naar 20-30% toename in winst. De vraag hoe optimaal mensen functioneren in een organisatie is daarom een belangrijke. Maar hoe krijg je hier inzicht in?

Het optimum punt

Zo’n honderd jaar geleden werd voor het eerst het verband tussen prestatie en spanningsniveau blootgelegd. Wanneer je lekker onderuitgezakt voor de TV hangt is dit spanningsniveau laag. Ben je zojuist ternauwernood aan een auto-ongeluk ontkomen, dan is je spanningsniveau waarschijnlijk erg hoog. Elke activiteit heeft een optimaal spanningsniveau, elke toename van spanning boven of afname onder dat punt leidt tot een afname van de prestatie. In de figuur hier onder wordt deze relatie weergegeven door de omgekeerde U curve.

 

Deze wetmatigheid wordt ook wel de Yerkes–Dodson wet genoemd, naar de beide ontdekkers. In de afgelopen honderd jaar is deze wet door duizenden experimenten bevestigd. De wet gaat op voor alle fysieke en mentale systemen, van de werking van het geheugen tot de lichamelijke coördinatie. De wet gaat daardoor voor elke activiteit op, van basketballen en kruiswoordpuzzels tot bergbeklimmen en boekhouden.

De effecten zijn echter niet altijd zichtbaar. Wanneer spanning te hoog is, kan iemand druk en gemotiveerd lijken. Zijn inspanning is echter minder effectief en de objectieve prestatie lager. Mensen presteren optimaal wanneer ze bovenaan de curve zitten (B), op dat punt haalt iemand het beste uit zichzelf. Elke afwijking naar links of rechts vanaf dit punt betekent een afname van prestatie. Bij de punten A en C in het plaatje wordt op 70% van het potentieel gepresteerd.

Werkbeleving

Hoe komen we er dan achter waar iemand zit op de curve? Het onderzoek van de Hongaars-Amerikaanse psycholoog Mihaly Csikszentmihalyi biedt hier een oplossing. Gedurende meer dan 30 jaar onderzocht Csikszentmihalyi hoe mensen verschillende soorten activiteiten beleven. Hier kwam een duidelijk beeld uit naar voren: mensen die op hun top presteren ervaren wat hij flow noemt. Flow is het gevoel helemaal op te gaan in wat je doet, je vergeet de tijd en bent volledig geconcentreerd. Flow ervaar je wanneer je op de top van de curve zit en het beste uit jezelf haalt. Onderzoek in zowel sport als op kantoor laat zien dat mensen die flow ervaren beter presteren.

Csikszentmihalyi kreeg ook andere punten op de curve beter in beeld. Bewegen we naar links in de grafiek, richting lage spanning, dan zien we eerst routine ontstaat en vervolgens verveling en apathie. In de richting van hoge spanning zien we eerst gespannenheid ontstaan, wat over gaat in stress en angst. Met behulp van vragenlijsten is het mogelijk al deze aspecten in kaart te brengen. Op deze wijze kan inzicht worden verkregen in hoe optimaal mensen functioneren. Een voorbeeld van een onderzoek waar dit mee gedaan wordt is de HPC (Human Performance Contextscan). In onderzoek met de HPC bij bedrijven worden zowel verschillen tussen mensen, als tussen teams en afdelingen gevonden. Op sommige plekken functioneren mensen duidelijk optimaler dan op andere.

Prestaties verbeteren

Met het inzicht in beleving is het mogelijk te bepalen waar in de organisatie kansen liggen of problemen zijn. Daarmee zijn we er natuurlijk nog niet. De volgende vraag is hoe mensen meer optimaal te laten functioneren. Ook hier kan het onderzoek van Csikszentmihalyi ons verder helpen. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat flow ontstaat onder een aantal zeer specifieke omstandigheden. Het gaat dan bijvoorbeeld om de wijze waarop doelen worden geformuleerd, de kwaliteit van feedback en hoe de aansluiting tussen uitdagingen en vaardigheden wordt gemaakt. Ook deze omstandigheden worden met de HPC in kaart gebracht. Statistische analyse van onderzoeksresultaten laat zien dat in organisaties of teams waar de omstandigheden goed zijn ingevuld, mensen ook meer optimaal functioneren. Waar de omstandigheden slecht zijn ingevuld, kan door middel van gerichte interventies verbeteringen worden gerealiseerd. In Optimum Punt (Scriptum, 2008) beschrijf ik de relatie tussen beleving en prestatie en hoe prestatie kan worden geoptimaliseerd. Het is zo niet alleen mogelijk inzicht te krijgen in hoe optimaal mensen presteren, maar ook om mensen te helpen meer uit zichzelf te halen.

Max Wildschut

Max Wildschut (1967) is cognitief psycholoog. Hij studeerde in 1994 af op de effecten van stress op het geheugen en houd zich sindsdien bezig met vraagstukken rond motivatie, prestatie en welzijn. Zijn uitgangspunt daarbij is daarbij vaak de cognitieve en evolutionaire psychologie.

Max Wildschut werkte bij onderzoeksinstituten en in het bedrijfsleven, onder andere als consultant en projectmanager. In 2003 is hij zijn kennis en ervaring gaan bundelen in FlowQ: een bureau dat onderzoek doet en advies geeft over de factor mens in werk. Binnen FlowQ ontwikkelde hij diverse onderzoeksinstrumenten als de flowmonitor, HPC en mindsetscan.

Max Wildschut schreef Optimum punt (Scriptum, 2008) en Darwin voor managers (Haystack, 2009). Regelmatig verschijnen nieuwe artikelen van zijn hand op www.flowq.nl/blog

darwin_voor_managers
Darwin voor managers

Max Wildschut
optimum_punt
Optimum punt

Max Wildschut

E: MaxWildschut
S: www.flowq.nl

Over de auteur

Max Wildschut (1967) is cognitief psycholoog. Hij studeerde in 1994 af op de effecten van stress op het geheugen en houd zich sindsdien bezig met vraagstukken rond motivatie, prestatie en welzijn. Zijn uitgangspunt daarbij is daarbij vaak de cognitieve en evolutionaire psychologie. Max Wildschut werkte bij onderzoeksinstituten en in het bedrijfsleven, onder andere als consultant en projectmanager. In 2003 is hij zijn kennis en ervaring gaan bundelen in FlowQ: een bureau dat onderzoek doet en advies geeft over de factor mens in werk. Binnen FlowQ ontwikkelde hij diverse onderzoeksinstrumenten als de flowmonitor, HPC en mindsetscan. Max Wildschut schreef Optimum punt (Scriptum, 2008) en Darwin voor managers (Haystack, 2009). Regelmatig verschijnen nieuwe artikelen van zijn hand op www.flowq.nl/blog

Laat een Bericht achter




Een foto bij uw reactie kan met een Gravatar.